Samen varen … het blijft opletten

ALS EEN PLEZIERVAARDER OPSTAPT BIJ EEN CONTAINERSCHIP

Schippers Frits Veldmeijer en Pieter Eikelenboom trokken vorig jaar een dag samen op. Toen maakten ze een tochtje met “De Goede Verwachting”, de zeilende tjalk van Veldmeijer. Nu is de ‘return’ en gaat Veldmeijer ervaren wat beroepsschipper Eikelenboom zoal op een werkdag meemaakt. Alhoewel, een doorsnee vaardag zal het niet worden.

“Tjongejonge, dit is andere koek”, zegt Frits Veldmeijer als hij de stuurhut van de “Prisa” instapt. Schipper Pieter Eikelenboom kijkt even op zijn schermen of alles goed gaat in de sluis en schudt hem dan de hand. “Welkom!” Veldmeijer kijkt bewonderend rond, een 110-meterschip is inderdaad andere koek dan een tjalk. Zijn oog valt op het indrukwekkende bedieningspaneel. “Kun je wat uitleg geven bij wat je doet?” Dat doet Eikelenboom met plezier. “Dit is de stuurautomaat en hier zit de boegschroefbediening. We varen elektrisch, dus je hoort de generatoren draaien. Maar je mag je zwemvest wel uit doen hoor.” “Was voor de eerste indruk”, grapt de opstapper. “Mooi man, dit is pure luxe.” De schipper geeft een klein beetje gas en in een vloeiende beweging glijdt de “Prisa” de Houtribsluis uit, het IJsselmeer op.

ALARM

De reis voert van Lelystad naar Terherne. Voor Veldmeijer tenminste, want de “Prisa” is al om half twee ’s nachts vertrokken uit Rotterdam en zal doorvaren naar Westerbroek in Groningen. Met het IJsselmeer en de Friese meren in het traject denken de mannen wel wat pleziervaart tegen te zullen komen. Het weer is er in ieder geval naar, het is een stralende julidag met een windje kracht 4. “Meestal vinden ze ons aardig indrukwekkend en blijven uit de buurt”, zegt Eikelenboom, gebarend naar de paar zeilboten die het water doorkruisen. “Sowieso maak ik niet zoveel problemen mee, al houd ik het soms wel extra in de gaten, vooral bij drukte op de Friese meren.” Ook Veldmeijers ervaring is dat het meestal goed gaat. “Er gebeuren weinig ongelukken, toch? Maar als ik zie wat er soms voorbij komt … Van die huurboten met feestende mensen, die hebben geen idee wat ze aan het doen zijn.” Aan bakboord schuiven de eilandjes van de Marker Wadden voorbij. Vandaag geen feestvierders, alleen een handjevol zeilboten en af en toe een binnenschip.

“Komisch dat je drie auto’s achterop hebt”, vindt Veldmeijer. “Ik prak er soms nog één bij; die jongens moeten op- en afstappen”, vertelt zijn gastheer. Hij doelt op de twee andere schippers en de matroos die meevaren. Aan boord van de “Prisa” gaat het werk 24/7 door, de mannen wisselen elkaar af. Zelf is hij om vier uur ’s ochtends begonnen. Veldmeijer wil er alles van weten: hoe dat gaat met containers laden en lossen, hoe hij aan personeel komt. Maar ineens verstoort een harde pieptoon het gesprek. De containerschipper buigt zich over de console, op het scherm knipperen twee rode uitroeptekens. “De ene generator stopt ermee”, constateert hij. “Dit heb ik nog nooit meegemaakt, we draaien nu op één generator.” Dat is voelbaar: de snelheid zakt flink terug. Eikelenboom blijft rustig, is vooral verbaasd. “Hij is net nieuw. Beide generatoren moeten op dezelfde frequentie draaien, daar is nu iets mis mee.” Hij probeert via het touchscreen de uitgevallen generator opnieuw te starten. Tevergeefs. Er zit niks anders op dan de oude diesel te starten. Gelukkig kan dat met één druk op de knop. “Dit doe je allemaal speciaal voor mij, toch?”, grapt Veldmeijer. De “Prisa” komt weer op snelheid en vaart door alsof er niets is gebeurd.

EEN ECHTE ‘NEAR MISS’

Het enorme uitzicht vanuit de stuurhut, dat vindt de tjalkschipper verrassend. “Alsof ik in mijn eigen mast zou zitten.” Dit verschil in perspectief kent Eikelenboom, want hij heeft een kleine luxe motor als pleziervaartuig. Dat vaart heel anders dan op de “Prisa”, waar je door de hoogte alles al van verre aan ziet komen. Zoals de zeilboot die nu aan stuurboord nadert. Eikelenboom: “Met de camera’s heb ik bijna geen dode hoek meer, alleen tien meter voor de kop zie ik niks. Ook kijk ik veel op de radar, daarop zie je goed de afstanden.” Het zeilbootje heeft er behoorlijk de sokken in en komt steeds dichterbij. Hij zal toch wel bijsturen? Maar het witte zeil stevent verder af op de kop van de “Prisa”. Er zit nog maar een paar meter water tussen … nu moet er echt wat gebeuren! Eindelijk, het roer gaat om. Het bootje helt scherp over, verandert van koers en richt zich weer op. De zeiler steekt beide handen in de lucht; van de schrik of als verontschuldiging? “Die had ons niet gezien”, concludeert Eikelenboom, ook geschrokken. “Dit is geen dagelijkse kost hier, meestal zien ze ons wel. Het beste wat je kunt doen is je koers vasthouden. Je kunt toeteren, maar daar bereik je niet altijd wat mee. Als ze schrikken gaan ze soms juist rare dingen doen.” Deze zeiler heeft niet op zitten letten en niet goed achterom gekeken. En dan zit zelfs een containerschip van 110 meter blijkbaar in een klein hoekje.

De “Prisa” vaart onverstoord verder. Aan stuurboord het Windpark Noordoostpolder, aan bakboord het blauwgroene sop van het IJsselmeer. Het is de vaste route voor schip en bemanning: lege containers van Rotterdam naar Westerbroek en volle containers met suiker, aardappelzetmeel, hout of karton terug naar Rotterdam. Bij de sluizen in het traject komt Eikelboom natuurlijk ook pleziervaart tegen. “Dan denk ik soms: wacht nou even tot de beroeps vast ligt en de schroef eraf is. Andersom vind ik dat een beroepsschipper ook rekening moet houden met de pleziervaart. Ik probeer altijd zachtjes de sluis uit te varen.” Over sluizen gesproken: Lemmer komt in zicht. Eikelenbooms shift zit erop dus zijn collega neemt plaats op de stuurstoel. De achterste kolk van de Prinses Margrietsluis is vrij, maar is met ongeveer 120 meter aan de krappe kant voor de “Prisa”. “Vertrouwt u uzelf?”, klinkt het door de marifoon. Een sluiswachter die gewetensvragen stelt. “Gaat wel lukken”, antwoordt de schipper. Geroutineerd stuurt hij de “Prisa” de sluis in. Het schip kruipt naar voren; nog 2 meter, nog 1,5 meter … vast. Past precies.

IN ELKAARS VAARWATER

De sluis uit, het Prinses Margrietkanaal op. Al snel doemt de eerste brug op. “Soms blijven bootjes ervoor cirkelen, omdat ze denken dat wij op een opening moeten wachten. Maar wij passen er gewoon onderdoor”, vertelt Eikelenboom. De sirene begint te loeien en met een schok komt de stuurhut in beweging. Een muur van containers schuift voor het uitzicht. De schipper vaart nu puur op de camerabeelden. Routine voor de bemanning, maar een hele ervaring voor Veldmeijer. “Dit is behoorlijk leuk! Ik zou het de eerste paar keer gewoon voor de lol doen.” Na de brug kan de stuurhut weer omhoog en komt het Friese landschap terug in beeld. Het is al wat later op de middag en daardoor rustig op het water. Maar van de paar bootjes die er varen, kiezen er toch veel voor de hoofdvaargeul. Eikelenboom: “Dat zie je vaak, dat ze in het midden blijven varen. Terwijl ernaast een geul is speciaal voor de pleziervaart.” Hij wijst naar de dobberende tonnetjes die met hun rood-witte en groen-witte strepen de nevenvaargeul markeren. Of de recreanten het niet weten of niet willen, dat blijft de vraag.

Wil je meer weten over waar je op moet letten bij het varen, kijk dan ook de video waarin onze klant Arend Klomp zijn ervaringen deelt: 

 

Vraag een offerte aan

Vul uw gegevens en de gewenste dekking in. Onze experts sturen u geheel vrijblijvend een offerte toe. Zo geregeld!

Astrid Boogert
Astrid Boogert
Marketing medewerker

Delen