Jíj́ hebt geen schip; het schip heeft jóú!

Dankzij drie generaties Van Gulik blijft stoomsleepboot Adelaar bewaard. Eenvoudig is dat niet altijd, maar de magie van varen op stoom maakt het meer dan de moeite waard.

EOC is een scheepvaartverzekeringsmaatschappij met een brede blik. Onze leden varen in de beroepsvaart, de pleziervaart, de charter- en passagiersvaart of wonen op al dan niet varende schepen en arken. Ieder EOC-lid heeft een ander waterverhaal. In de serie Scheepgaan tekent schrijfster Corine Nijenhuis ze op.

HUIS-AAN-HUISBLAADJE

Stoomsleepboot Adelaar kwam in het leven van de familie Gulik via een advertentie. ‘Zo’n te-koop-rubriek in een huis-aan-huisblaadje, nog geeneens een scheepvaartkrant.’ Hij was niet bepaald op zoek, ‘maar die advertentie, die boeide me wel!’ Bart van Gulik kocht de stoomsleepboot, samen met zijn vader en broer. ‘Ik had wel wát geld, maar was net getrouwd, daar ging een hoop inzitten.’ Dat geld had hij verdiend op de coastervaart: met zout op Zweden, met hout op Holland. Zijn vader had ervaring met stoomschepen, hijzelf niet. Ze voeren veel, zo groeide Bart er vanzelf in. Datzelfde gebeurde binnen zijn eigen gezin: ‘Toen de kinderen nog klein waren zette ik gewoon een box op het achterdek, met een zeil eromheen tegen de wind.’

GEBRUIKELIJKE VOGELNAAM

Voor Michel is de Adelaar er altijd geweest: ‘Het is de rode draad in mijn leven.’ Als hij niet op school zat, was hij aan boord. ‘Opgroeien op de Adelaar heeft mij een kant opgeduwd, ik heb van varen op stoom mijn beroep gemaakt.’ Michel vaart professioneel op raderstoomboot De Majesteit. Vanaf zijn achttiende werkte hij mee aan het restauratieproces. Toen De Majesteit in de vaart ging, werd hij machinist, sinds 2010 is hij kapitein. ‘In de haven van Rotterdam, waar het allemaal begon voor de Adelaar.’

Al direct na de bouw bij Bouwwerf Hubertina v/h W.H. Jacobs in Haarlem werd de Adelaar (20,65×5 meter) in dienst gesteld bij rederij Maas als havensleepboot. Er werkten drie man aan boord. Het schip zat in de dagdienst van 7 tot 7 en bleef continu onder stoom. De scheepsnaam wijzigde in 1965 toen de Adelaar verkocht werd. Als Botlek voer hij tot 1973 bij de Haagse sleepdienst, toen werd hij verkocht aan een particulier in Vlaardingen. Die restaureerde de stoomsleper én gaf hem de oude naam terug. Een vogelnaam zoals gebruikelijk voor schepen die voeren bij de Rotterdamse stoomsleepdienst Maas. Toen de familie Van Gulik de Adelaar in 1977 kocht bleef de naam ongewijzigd.

DAGENLANG OPSTOKEN

Varen met de Adelaar kun je gerust een tijd- en energievretend traject noemen. Dat begint met opstarten. ‘Het duurt twee dagen voordat de ketel op stoom is. Opstoken gebeurt met hout, dat hebben we dan al verzaagd tot de juiste maat.’ De ketelinhoud van 5000 liter naar 100 graden brengen kost één etmaal stoken, tot 10 bar stoom komen duurt opnieuw 24 uur. Als het water heet genoeg is, wordt hout vervangen door steenkool die de warmte onderhoudt. Tijdens het varen wordt er ieder kwartier bijgevuld. Dat doet de stoker terwijl de machinist de machine in de gaten houdt, waaronder de olietoevoer. De stoomsleper wordt gevaren door schipper en maat. Wanneer de Adelaar weer aan de wal ligt koelt de machine vanzelf af, al duurt dat wel twee weken. Daarna moet de as afgevoerd, een flink karwei: 10 ton kolen levert 800 kilo as op.

Bart en Michel werken met vier vaste en ervaren vrijwilligers, zij helpen met scheepsonderhoud en varen mee. De Adelaar begeleidt de sloepenrace Harlingen/Terschelling, vaart naar de havendagen in Antwerpen, naar Dordt in Stoom. ‘Toch neemt de hoeveelheid grotere evenementen af. We varen inmiddels nog zo’n twintig dagen per jaar.’

HOGE KOSTEN

Die evenementen zijn van belang om de Adelaar te kunnen bekostigen. ‘We zijn pleziervaart, er mogen twaalf personen mee, daarmee moet het schip zich bedruipen.’ De stoomsleepboot is sinds twintig jaar ondergebracht in een stichting, noodzakelijk voor het verkrijgen van subsidies. ‘De status van varend monument is belangrijk, net als in the picture blijven. De sinterklaasintocht varen helpt daarbij, al ligt Zwarte Piet inmiddels onder vuur. Ook varen op steenkool moeten we soms verdedigen.’ Al met al zijn de kosten hoog. ‘CVO-keuring, keuring van de ketel, verzekering. Alles moet geregistreerd, gedocumenteerd.’ Dat doet Michel zelf, er gaat veel tijd inzitten. Net als in het onderhoud. ‘De machine en ketel zijn al een schip op zich.’ En dan de sleepboot zelf nog. ‘Als werker was de Adelaar een rouwdouwer. Nu zijn we voorzichtiger. Alles wat je aan schade vaart moet je zelf repareren.’ Vader en zoon zijn er continu mee bezig. ‘Maar ondanks alles zouden we niet willen dat het anders was, het schip.’

MAATSCHAPPELIJKE WAARDE

Voor Michel is het behoud van het stoomschip ook een maatschappelijke aangelegenheid. ‘Het is de uitdaging jongere generaties geïnteresseerd te krijgen in de techniek. Stoom is nog overal toepasbaar, veel draait erop. Het schip toont de praktijk.’ Maar de magie van de Adelaar voelt hij precies zoals zijn vader. Voor Bart is het antwoord op de vraag wat het mooist is aan de stoomsleepboot eenvoudig: ‘Gewoon, álles!’

Nu Bart de tachtig jaar nadert is Michel de volgende verantwoordelijke generatie: ‘Het ligt in mijn handen het schip te behouden.’ Tijdelijk dan: ‘Je past erop en dan geef je het weer door.’ Want een schip is geen eigendom. ‘Jíj hebt geen schip, het schip heeft jóu!’

Gerelateerde artikelen

Bereken nu je premie

Ontdek binnen vijf minuten wat je premie is en sluit vandaag nog een verzekering af.
Onze belofte: bij EOC krijg je optimale dekking tegen een scherpe prijs.
Dan vaar je met een gerust hart weer verder.

Corine Nijenhuijs
Corine Nijenhuijs
Corine Nijenhuis (1965) werkte na de Rietveldacademie als zelfstandig ruimtelijk vormgever. Daarna volgde zij de avondopleiding aan de Schrijversvakschool Amsterdam, waar ze cum laude afstudeerde. Zij debuteerde in 2011 met de non-fictie roman Luchtcowboy. In 2015 volgde Een vrouw van staal, de buitengewone biografie van een binnenvaartschip.

Delen