Een verplichte jaarlijkse keuring door een deskundige – die kenden we al van de autokraan. Sinds januari 2026 geldt dat ook voor hefbare en overzakbare stuurhuizen. Zo’n inspectie is geen overbodige luxe: bij een brugpassage moet de roerganger erop kunnen vertrouwen dat de stuurhut netjes zakt en niet halverwege blijft hangen. Er hangt dus wat vanaf. Wie de keuring zelf wil uitvoeren, moet zich afvragen: heb ik daarvoor de deskundigheid in huis?
Door de jaren heen zijn we al heel wat ellende tegengekomen bij beweegbare stuurhutten. Van corrosie onderin de kolom, condens in het bedieningskastje, losse en beknelde kabels, beschadigde hydraulische leidingen tot aan kabelgoten die loskwamen waardoor het stuurhuis ineens niet meer wilde zakken. Allemaal zaken die met een periodieke keuring tijdig gesignaleerd en verholpen kunnen worden. Het maakt ook duidelijk dat de keurder naar veel aspecten moet kijken: constructie, mechaniek, elektra en hydrauliek.
ES-TRIN 2025/1: JAARLIJKS KEURING VERPLICHT
Dat er nu jaarlijks gekeurd moet worden, komt door een wijziging in de Europese regelgeving. Volgens ES-TRIN 2025/1 moeten per 1 januari 2026 in hoogte verstelbare stuurhuizen en toebehoren ten minste jaarlijks door een deskundige worden onderzocht. Door visuele controle en controle op functioneren moet worden vastgesteld of de installatie veilig is (artikel 7.12 lid 12 en artikel 7.14 lid 8). In de ES-TRIN 2025/1 staat op pagina 454 een overzicht van de systemen die periodiek gekeurd moeten worden door een deskundige of erkend deskundige. Het gaat om onder andere stuurwerken, blustoestellen en brandblusinstallaties, drukvaten, kranen en nu dus ook beweegbare stuurhuizen.
DESKUNDIGE EN ERKEND DESKUNDIGE
De ES-TRIN maakt onderscheid tussen ‘deskundige’ en ‘erkend deskundige’. Wat is het verschil? Erkend deskundigen zijn classificatiebureaus en andere door de autoriteiten aangewezen of gecertificeerde personen of bedrijven. Zij voeren keuringen uit die, door hun complexiteit of het vereiste veiligheidsniveau, bijzondere technische kennis vragen. Bij veel installaties moet vóór eerste ingebruikstelling, na ingrijpende wijzigingen en periodiek door een erkend deskundige worden gekeurd. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) publiceert op haar website welke keuringsbedrijven voor de binnenvaart erkend zijn.
Een ‘gewone’ deskundige is iemand met voldoende kennis en ervaring om een installatie in de praktijk te beoordelen en te testen. Tussentijdse keuringen mogen doorgaans door zo’n deskundige uitgevoerd worden en dat geldt ook voor de jaarlijkse keuring van de beweegbare stuurhut.
ZELF DE DESKUNDIGE?
Een schipper, veiligheidspersoon van een rederij of een bemanningslid met de juiste ervaring kan dus als deskundige optreden. Maar, zoals de ES-TRIN stelt, deskundigen moeten ‘op grond van hun beroepsopleiding en ervaring in staat zijn een bepaalde zaak met voldoende vakkennis te beoordelen’. Beschikt de keurder daadwerkelijk over deze vakkennis? En is er een open, kritische blik en voldoende onafhankelijkheid? De vraag is of het wenselijk is om zelf te keuren, of dat een externe partij meer waarborgen biedt – ook in het licht van de Arboverplichtingen. Uiteindelijk moet aantoonbaar zijn dat de keuring deugdelijk is uitgevoerd, zeker wanneer er iets misgaat en er sprake is van letsel of erger.
BEZUINIG NIET OP VEILIGHEID
Keuringen van stuurhuizen worden vaak uitgevoerd door fabrikanten en leveranciers. Veel van deze partijen zijn verenigd in een werkgroep van deskundigen, waarin gezamenlijk is vastgesteld welke aandachtspunten van belang zijn voor een veilige beoordeling. Dit heeft geleid tot uniforme werkwijzen en bijbehorende certificering. De aangesloten bedrijven worden periodiek geaudit en komen regelmatig bijeen om ervaringen te delen en werkwijzen verder te verbeteren. Meer informatie en een overzicht van aangesloten bedrijven is te vinden op de website van de IVR.