Forse toename letsel en overlijden in de beroepsvaart

ONS ZORGEN MAKEN IS NIET GENOEG, WAT DOEN WE ERAAN?

Het liegt er niet om: verdrinking, verstikking en verbrijzelde ledematen. In de beroepsvaart zien we een toename in het aantal mensen dat aan boord overlijdt of ernstig letsel oploopt. Samen met de Noord Nederlandsche P&I Club (NNPC) analyseerde EOC deze incidenten: wat valt er op en is er een gemene deler? Gebrek aan kennis en ervaring blijkt een rode draad, dus betere opleiding en instructie kan levens redden.  

Een toename in overlijdens en ernstig letsel, ondanks alle aandacht voor preventie, dan gaan er bij ons alarmbellen af. In de beroepsvaart was het aantal persoonlijke ongevallen in 2021 vijf (!) keer hoger dan in 2020. Die trend zet door in 2022: in de eerste drie kwartalen hebben al twee keer meer bemanningsleden een ernstig ongeval gehad dan in het hele jaar ervoor. Er springt niet direct één groep uit, er is sectorbreed sprake van een toename van incidenten. Oorzaken achterhalen is ingewikkeld, maar een aantal zaken valt op. 

GROOTSTE RISICOFACTOR: NIEUW AAN BOORD

In veel gevallen is degene die gewond raakt of overlijdt nog maar kort in dienst. De volgende factoren spelen dan een rol: 

  • Nog onbekend met de gevaren van de vaart. 
  • Nog onbekend met het schip. 
  • Nog onbekend met de procedures aan boord. 

Ook zijn er relatief vaak niet-Nederlandse bemanningsleden bij ongevallen betrokken. We zien de volgende, soms verbijsterende, omstandigheden: 

  • Geen ervaring in de binnenvaart. 
  • Veelal ontbreken van een inwerktraject. 
  • In sommige gevallen geen enkele ervaring met de nautische sector. 
  • Slechte communicatie tussen bemanningsleden, bijvoorbeeld door een taalbarrière. 

    OPLEIDEN EN BEWUST WORDEN

    Prioriteit één om het aantal letselincidenten naar beneden te krijgen, is bewustwording. Veel ongevallen zijn eenvoudig te voorkomen door ervoor te zorgen dat de bemanning goed is opgeleid en naar behoren wordt ingewerkt. Daar ligt een grote verantwoordelijkheid voor de werkgever. Naast voldoende kennis en kunde bij het personeel, gaat het ook om de veiligheidscultuur aan boord, over bewustwording van de risico’s en duidelijke afspraken maken over welk gedrag niet acceptabel is. Want zeg nu zelf: met een matroos die nog nooit aan boord van een schip is geweest, is het dan niet gewoon wachten op een ongeluk? Natuurlijk zijn dat extreme gevallen, maar overal waar mensen niet goed snappen waar ze mee bezig zijn en hoe groot de risico’s van werkzaamheden aan boord zijn, is de veiligheid niet op orde en ligt een ongeluk op de loer.   

    De scheepseigenaar moet er minimaal voor zorgen dat: 

    1. Er een volledige en actuele Risico-inventarisatie & -evaluatie (RI&E) aanwezig is. 
    1. Er duidelijke veiligheidsnormen en eisen zijn waar de bemanning zich aan dient te houden en ook op wordt getoetst en aangesproken. 
    1. Er een inwerkprogramma is voor nieuwe bemanningsleden om bekend te raken met het schip en de werkzaamheden aan boord. 
    1. Er een vast protocol aan boord is voor incidenten waarbij sprake is van letsel of overlijden.  

    Wanneer het misgaat, is in de meeste gevallen de scheepseigenaar als werkgever aansprakelijk. Er zijn directe gevolgen zoals repatriëring, medische kosten en verzuim, maar mogelijk wordt er ook een onderzoek ingesteld. Als blijkt dat er sprake was van een onveilige werkomgeving omdat niet de nodige zorg is toegepast om incidenten te voorkomen, dan kunnen er boetes worden opgelegd. 

    LEVENSGEVAARLIJKE LIEREN

    Het Platform Zero Incidents (PZI) zet zich in voor een veiligere binnenvaart. Met stip op nummer één in hun letselstatistieken: lieren. Van licht letsel tot ernstige verwondingen, die lieren lusten wel een vinger of hand. Ongelukken voorkomen? Lees de handige ‘safety flash’ over winches, in vier talen te downloaden (Safety Flashes 2018 – 031 Winches). 

    Marnix de Bakker
    Marnix de Bakker
    Preventie Manager