Gedreven directeur met werkhanden

EOC is een scheepvaartverzekeringsmaatschappij met een brede blik. Onze leden varen in de beroepsvaart, de pleziervaart, de charter- en passagiersvaart of wonen op al dan niet varende schepen en arken. Ieder EOC-lid heeft een ander waterverhaal. In de serie Scheepgaan tekent schrijfster Corine Nijenhuis ze op.

Wout van Leersum (1975), Van Leersum Maritiem BV

Zijn verlangen naar uitdaging zorgde ervoor dat de jongste veerpontexploitant van Nederland een breed maritiem bedrijf opbouwde waarin hij zich nooit verveelt.

Het scheepswerk begon voor Wout van Leersum al op jonge leeftijd; toen hij twaalf was zocht scheepswerf Van der Laan in Woubrugge ‘een mannetje dat de werf een beetje kon vegen’. Wout werd ‘dat mannetje’: hij werkte na schooltijd en op de zaterdagen, leerde schuren en schilderen, teren en lassen. Sleutelen aan scheepsmotoren deed hij bij zijn opa die na zijn pensioen bij scheepswerf De Dageraad een helling achter zijn huis gebouwd had. Toen Wout veertien was vroeg de pontbaas van veerdienst Paddengat hem de zondagdiensten te varen en onderhoud aan het scheepje te doen. Diezelfde pontbaas zorgde dat Wout na zijn middelbareschooltijd aan het werk kon op een tankschip en toen hij in 1994 zijn pontje te koop zette, vroeg hij Wout het vaartuig en de dienst over te nemen. Het was het begin van wat een drijvend imperium zou worden.

Wout van Leersum

Het scheepswerk begon voor Wout van Leersum al op jonge leeftijd; toen hij twaalf was zocht scheepswerf Van der Laan in Woubrugge ‘een mannetje dat de werf een beetje kon vegen’. Wout werd ‘dat mannetje’: hij werkte na schooltijd en op de zaterdagen, leerde schuren en schilderen, teren en lassen. Sleutelen aan scheepsmotoren deed hij bij zijn opa die na zijn pensioen bij scheepswerf De Dageraad een helling achter zijn huis gebouwd had. Toen Wout veertien was vroeg de pontbaas van veerdienst Paddengat hem de zondagdiensten te varen en onderhoud aan het scheepje te doen. Diezelfde pontbaas zorgde dat Wout na zijn middelbareschooltijd aan het werk kon op een tankschip en toen hij in 1994 zijn pontje te koop zette, vroeg hij Wout het vaartuig en de dienst over te nemen. Het was het begin van wat een drijvend imperium zou worden.

Wout van Leersum

INVESTEREN

Wout was pas negentien en begon zijn bedrijf met een fikse geldschuld, maar dat weerhield hem er niet van direct te investeren. Om de veerpont te kunnen verbeteren verkocht hij zijn brommer en werkte dertien uur per dag, de week rond. Erg vond hij dat niet: ‘Ik ben een doener, met de voetjes op het dashboard in een stuurhut is niets voor mij.’ Hij plaatste een blokhut bij de pontopgang, wat tafeltjes en stoeltjes erbij; als er een groep recreanten aankwam dan stuurde hij de pont gauw naar de overkant en verkocht zijn moeder ijs en koffie aan de wachtende passagiers. Toen er in 1996 in Alphen aan de Rijn een veerpont nodig was om de fietsers langs de bouwput van een nieuw aquaduct te vervoeren, zette Wout zijn reservepont in. Hij moest er personeel voor inhuren: ‘Ik was 21, tegen mensen die bij mij werkten zei ik ‘u’; die konden mijn vader zijn.’ Maar hoe jong ook, dat hij serieus genomen werd als ondernemer bleek in 1998 toen de burgemeester van Woubrugge een veerpont op zonne-energie ambieerde en Wout betrok bij de realisatie ervan. De verhuur van veerpontjes, waaronder die op zonne-energie, bleek een goede bedrijfstak: inmiddels bezit Van Leersum Maritiem er acht, die als (tijdelijke) veerdienst worden ingezet voor onder meer Rijkswaterstaat, diverse provincies en gemeenten.

‘Met de voetjes op het dashboard is niets voor mij’

Voor Wout moet ondernemen stimulerend zijn. ‘Als het eenmaal draait, is de uitdaging weg. Het staat op poten, het werkt, alles klopt. Dan wordt het ‘gewoon naar je werk gaan’ en moet er iets nieuws komen.’ Zijn verlangen naar uitdaging gaat samen met een goed oog voor mogelijkheden. Toen hij in 1998 hoorde dat de verhuurder van roeiboten op het Braassemermeer ermee stopte, kocht hij vier elektrische sloepen voor de verhuur. En toen de pleziervaart en de vraag naar brandstof toenam, legde hij in eigen water een bunkerboot neer waar hij benzine verkocht tegen de pompprijs in plaats van het watersporttarief.

ZELF DOEN

‘Zelf doen’ is een belangrijk onderdeel van zijn ondernemerschap. Varen op de veerponten, werken op de bunkerboot, de schepen onderhouden. Toen Wout in 2001 Recreatiegebied De Hemmen kocht – 8 hectare grond met 165 ligplaatsen in het Braassemermeer – verving hij eigenhandig de beschoeiing en legde elektriciteit aan. Hij verbouwde een maritiem clubhuis tot restaurantschip voor de recreanten en toen dat stormliep stond hij, na het werk op de bunkerboot, naast de kok biefstukken te bakken.

Intussen groeit het bedrijf door. ‘Het zou logisch zijn om bij het starten van iets nieuws een ander onderdeel weg te doen. Maar dat doe ik niet.’ Daarom heeft Van Leersum Maritiem inmiddels ook vier rondvaartboten in de vaart. Daar vaart Wout nooit zelf op; hij wil de handen vrijhouden zodat hij kan schakelen om problemen op te lossen waar nodig. Continuïteit en veiligheid zijn belangrijk in zijn bedrijf. Dat kan alleen als de inventaris klopt en de schepen onderhouden zijn. ‘Je moet je materiaal op orde hebben. Dat doe ik zelf. Want juridisch ben ik dan de directeur, in de praktijk ben ik de onderhoudsman.’ De schepen zijn voor Wout ‘zijn kindjes’. Het gevolg is dat alle schippers die voor hem werken er zorgvuldig mee omgaan. Inmiddels telt het bedrijf 22 varende en drijvende objecten. Ze hangen, gevangen in foto’s, aan de muur van het kantoor. Ertegenover hangen slechts drie foto’s van schepen die zijn verkocht. ‘Omdat ze niet meer door de keuring kwamen, of echt vervangen moesten worden.’ Alle schepen zijn hem even lief en krijgen de aandacht die ze nodig hebben, want alles bij Van Leersum Maritiem draait om bootjes. Maar waar het varen aangaat, geeft Wout de voorkeur aan zijn eigen sleepboot: ‘Omdat als je sleept en duwt er altijd andere manieren van manoeuvreren bijkomen die niet standaard zijn. Dan is het spannender, dan is het geen routine.’ Hij kocht de sleper als recreatieschip, omdat hij zich voorgenomen had het wat rustiger aan te doen. ‘Maar al snel kreeg ik wat aanvragen voor sleepwerk. Dus tja … Uiteindelijk gaat het erom te doen waar ik gelukkig van word.’

Word lid van de Varende Vrienden van EOC-nieuwsbrief

De Varende Vrienden van EOC is een bron van informatie: vaartips, onderhoudstrucs en boeiende verhalen van medeschippers.
Via onze nieuwsbrief krijg je de beste artikelen maandelijks in je mailbox.
Gratis en toegespitst op jouw voorkeuren!

Corine Nijenhuijs
Corine Nijenhuijs
Corine Nijenhuis (1965) werkte na de Rietveldacademie als zelfstandig ruimtelijk vormgever. Daarna volgde zij de avondopleiding aan de Schrijversvakschool Amsterdam, waar ze cum laude afstudeerde. Zij debuteerde in 2011 met de non-fictie roman Luchtcowboy. In 2015 volgde Een vrouw van staal, de buitengewone biografie van een binnenvaartschip.